Het is hier nu ´s ochtendsvroeg en het wordt weer eens tijd om een blog te schrijven! Ik heb zat te vertellen… Reuzenschildpadden, hangmatongelukken, aangevallen door een neusbeer en Paramaribo overstroomt… Het was me het weekje wel…
Om half 8 ’s ochtends gaan 18 bakra’s op weg naar Galibi, een mooi zandstrand met palmbomen en op steenworpafstand van Baboensanti, waar zeeschildpadden ’s nachts hun eieren komen leggen. Onze reis begint met vier uur lang hobbels en bobbels (maar, de weg naar Paradise Island was er niks bij… voor degene die daarbij waren). Tijdens een tussenstop eten we lekkere bakabana’s (bakbananen) als ontbijt en genieten nog even van het zonnetje.
Eenmaal geshaked aangekomen in Albina zwaaien we vanaf het strand naar de mensen in Frans-Guyana. Na wat laatste inkopen (parbobier, wijn uit Frans-Guyana, colalight en bananenchips) vervolgen wij onze reis per boot richting Galibi. Helaas betrekt de lucht en zullen we voor lange tijd de zon niet meer zien. Maar dat mag niet baten. We slaan ons kamp op, spannen onze hangmatten en genieten van het geluid van de woeste zeegolven.
Op Galibi wonen de Caraib-Indianen, die hun gezicht traditioneel insmeren met rode strepen. Deze donkerrode kleur is afkomstig van een harige bloemsoort die, als je hem openmaakt, allemaal kleine verfbolletjes heeft. Gids Elton vertelt ons alles over de flora en fauna van het dorpje.


We nemen ook een kijkje in de plaatselijke zoo en worden gelijk verwelkomt door doodskopaapjes die vrolijk op ons klimmen en luidruchtig door de bomen sjezen.


Verder hebben ze schildpadden, stekelvarkens, een anaconda, een luiaard, ja zelfs een babykaaiman. En een neusbeur. Dat is een soort kruising tussen een miereneter en een wasbeer. Het beest loopt hartstikke tam langs ons heen, met zijn neus in de grond op zoek naar mieren. Een prachtig beest om foto’s van te maken natuurlijk. Dus ik eropaf met mijn camera…. Als die neusbeer nou een klein beetje zou draaien… dus ik raak zijn staart aan. Het beest draait zich inderdaad om en kijkt me aan alsof het oorlog is. Gelijk zet generaal neusbeer de aanval in, zet zijn nagels uit, brult zijn strijdkreet en bespringt mij. Maar ik verdedig mij, enigszins geschrokken door deze aanval, door heftig met mijn armen te zwaaien. Generaal neusbeer vliegt naar de andere kant van de dierentuin en ik maak dat ik wegkom. Gelukkig heb ik alleen maar wat schrammen en gaat generaal neusbeer door met mieren eten, enigszins getroffen in zijn ziel. Dat wel.

Bekomen van de schrik eten we een heerlijke kruising tussen bami en spaghetti en maken ons klaar voor het echte avontuur. Gewapend met poncho en zaklamp stappen wij in de boot die hevig schommelend in het water ligt. Het waait ontzettend hard en het water spat op van alle kanten. We zien allemaal geen hand voor ogen, maar toch weet de stuurman zijn weg te vinden. We kruipen dicht tegen elkaar aan, trekken een capuchon over ons hele hoofd en proberen ook onze camera´s tegen het opspattende water te beschermen. We lijken wel een stel vluchtelingen op weg naar een veilige thuishaven.
Na ongeveer een half uur leggen we aan bij het strand van Baboensanti. Meteen is het raak: een enorme zeeschildpad heeft net eieren gelegd en is op weg terug naar het water. WOW! Wat een enorme beesten. Ik doe een wilde gok, maar 1.30 meter is zeker niet overdreven. Echt geweldig om te zien. De schildpad verdwijnt in de donkere oceaan en wij lopen vol van verbazing verder langs de donkere en onbewoonde kustlijn. We treffen een volgende schildpad, maar nu is de groep van 18 bakra’s alerter. Hupsakee. De eerste flits van iemand die een foto maakt, snel gevolgd door een tweede. Ook lijkt bijna niemand er moeite mee te hebben het arme beest te verblinden met een felle zaklamp. Terwijl van te voren zo nadrukkelijk werd gezegd: dat mag niet! Ook lijkt het niemand te interesseren dat het beest gehinderd wordt in zijn proces naar zee doordat op z’n minst 15 grote mensen haar perse moeten aanraken…
Maargoed. Ik zal niet zeuren.
Als je geluk hebt, kan je vijf processen zien: de schildpad komt uit zee, graaft een nest, legt eieren (ongeveer 150 per keer), graaft haar nest dicht en de schildpad gaat weer terug naar de zee.
We hebben vijf schildpadden gezien en dan wordt het echt tijd om terug te gaan naar de boot. Het begint nog harder te waaien en ook de eerste regendruppels vallen uit de pikzwarte lucht. Daarbij is het ondertussen ook eb, waardoor er een enorme zandbank langs de kust ontstaat. En ja hoor, na een paar minuten zitten we vast. Gids Elton maakt ons bang met de woorden: “Nu moeten we blijven wachten tot het weer vloed wordt. Dat is rond 3 uur ’s nachts”. Gelukkig hebben we een hele goede stuurman en zetten we na een uur varen toch weer voet aan wal.
We spelen nog een stom spel, poetsen onze tanden en gaan naar bed. Ik had toch liever in een hangmat geslapen in plaats van in een bed. Zo blijkt uit de woorden die ik uitkraam in mijn slaap. “Ik moet weg, ik moet weg. Ik moet naar een hangmat. Ze prikken me hier allemaal”, roep ik met enige angst in mijn stem. Gelukkig weet Inge mij weer tot bedaren te brengen. Het is maar goed ook dat ik niet in een hangmat heb geslapen, zo blijkt de volgende dag…
Inge en ik liggen heerlijk te genieten in een tweepersoonshangmat. Na ruim een half uur schommelen liggen we opeens op de grond. Beduusd, duizelig, met een enorm zeer stuitje en een kapotte elleboog probeer ik weer overeind te krabbelen. De knoop zat niet goed vast… De hangmat hing ook niet boven mooi en zacht zand, maar boven een betonplaat. Auw. Gelukkig waren er genoeg studenten geneeskunde en fysiotherapie bij, dus ik werd gelijk medisch gechecked. Inge had gelukkig alleen een zere kont.

Na een uurtje zijn we wel bekomen van de schrik, hebben we wat gegeten en zijn we klaar om terug te gaan richting Paramaribo. Eerst met de boot, vervolgens vier uur lang over een hobbeldebobbelweg. Het regent ook nog eens keihard. Het stopte de daarna volgende dagen ook niet meer. Geen tropische buitjes, maar hevige stortbuien. Woensdagmiddag stonden dan ook alle straten van Paramaribo blank en konden we van onze stage naar huis zwemmen. Gelukkig ging fietsen nog net… maar het laatste stukje naar ons huis moesten we toch echt lopen. Tot boven onze enkels in het water.
Gelukkig is het nu wat lekkerder weer! Een mooie positieve afsluiter van mijn blog! + nog een foto van ons huis!